close
  • zaterdag 20 juli
Vrije tijd

Zo voer je vogels in de winter

Zo voer je vogels in de winter

In de winter komen vogels extra dicht bij je huis. In deze periode zijn er namelijk weinig bessen, zaden en insecten te vinden. Je mag ze bijvoeren. 

Vogels mag je echter het hele jaar door bijvoeren. Ze gebruiken in alle seizoenen veel energie en daarom mag je volgens de vogelbescherming altijd bijvoeren. Daarbij komt dat vogels zich niet volproppen wanneer ze verzadigd zijn. Ook verleren ze het niet om zelf eten te zoeken. Maak je daar dus geen zorgen over. Benieuwd hoe je ze het beste kunt helpen? We hebben 5 tips voor je.

Tip 1: Koop een vogelgids!

Wanneer je besluit om vogels bij te voeren is het natuurlijk leuk om te weten welke vogels zich laten zien in de buurt van je huis. In ruil voor een beetje voer kun je ze heel goed bekijken. Koop een vogelgids en ontdek welke vogels in jouw tuin komen eten.

Tip 2: Kies geschikt vogelvoer

Heel veel mensen leggen droog brood in hun tuin neer. Brood is echter niet geschikt voor vogels vanwege het hoge zoutgehalte. Houd het bij broodkruimels. Kies gevarieerd eten, bijvoorbeeld: noten, zaden, bessen, pinda’s, rozijnen en appels. Koop je zadenmixen of vetbollen in de winkel, lees dan altijd eerst op de verpakking de juiste voorschriften.

Kies in de winter voor voedsel met extra hoge energiewaarde. In de winter moeten vogels op temperatuur zien te blijven. Dat kost veel energie. Overdag hebben ze weinig tijd om voedsel te vinden. Daarom is calorierijk eten vooral in de winter belangrijk. Koop bijvoorbeeld pinda’s. Let er wel op dat je pinda’s koopt met een EU certificaat. Alleen die zijn veilig voor vogels.

Hetzelfde geldt voor vetbollen. Vaak zijn die gemaakt van oud frituurvet. Ze bieden nauwelijks energie en zijn bovendien schadelijk voor de gezondheid van vogels. Let dus goed op wat je koopt en kies bij voorkeur bollen zonder een netje. Die met een netje zorgen voor onnodig afval. Daarbij is het ook nog zo dat vogels erin verstrikt kunnen raken.

Tip 3: Denk ook aan water

Vaak denk je wel aan eten, maar niet aan water. Vogels maken graag gebruik van een waterschaal. Niet alleen om uit te drinken, maar ook om in te badderen. Ververs het regelmatig. Is het in de winter heel erg koud? Leg dan wat ijssplinters neer. Deze splinters eten de vogels op en ze smelten in hun maag. Op deze manier krijgen ze toch hun dagelijkse vocht binnen.

Tip 4: Kies de juiste voederplaats

Kies een plek die goed uitzicht bied op de omgeving. Let er op dat er een struik of plant in de buurt is waar vogels snel in kunnen vluchten. Bijvoorbeeld wanneer jouw kat of die van de buren om het hoekje komt kijken. Vogels voelen zich het beste wanneer ze op hun gemak kunnen eten. Kies trouwens niet een plek, maar verschillende plekken. Gooi bijvoorbeeld ook eens wat voer onder je struiken. Hier komen schuwere vogels op af. Sommige eten liever van de grond.

Tip 5: Niet overvoeren

Blijft er veel voer in je tuin liggen? Wacht dan eerst met bijvoeren, want het voer kan ongedierte aantrekken en dat zorgt weer voor verspreiding van ziektes. Vooral bij strooivoer is het belangrijk dat er niet veel op de grond achterblijft.

Bron: Vogelbescherming

Geschreven door: Redactie

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Volg ons via Facebook